Handoplegging: Geschiedenis en visie

Handoplegging wordt al duizenden jaren toegepast. Intuïtief herontdekt men steeds weer de helende kracht van zachte aanraking. Het komt terug in meerdere culturen en religies, onder verschillende namen en stromingen, zoals: reiki, magnetiseren en healing.

  • Egyptische priesters gebruikten handoplegging waarschijnlijk al voor rituelen rond reiniging, zegen, of initiatie rond 3000 v.Chr.
  • De Boeddha (ca. 400 v.Chr.) zou mensen hebben genezen met zijn handen.
  • Het komt voor in veel sjamanistische tradities over de hele wereld, van Siberie tot Latijns-Amerika.
  • In de jaren 50-80 van de vorige eeuw werden in de Verenigde Staten therapievormen geïntroduceerd waarin handoplegging wordt toegepast, zoals Bio-Energetica, Therapeutic Touch en Healing Touch.

Er bestaat niet één vast instructieboekje voor handoplegging – op verschillende plaatsen, door verschillende eeuwen heen, hebben mensen handoplegging intuïtief opgepakt en herontdekt. Hieronder beschrijf ik nog een drietal invloedrijke personen die handoplegging beoefenden en bekend maakten.

Handoplegging komt voor in zowel de Hebreeuwse (Joodse) als Christelijke bijbel. Volgens het Nieuwe Testament heeft Jezus meerdere personen kunnen genezen met zijn handen. Jezus zag zichzelf hier echter niet als een unieke uitzondering; volgens de Bijbel zou hij hebben gezegd dat anderen hetzelfde zullen doen: ”Ze zullen zieken weer gezond maken door hen de handen op te leggen.” (Nieuwe Testament, Marcus 16, 18). Binnen diverse stromingen van de Christelijke kerk wordt handoplegging tot op heden toegepast onder de naam van gebedsgenezing. Een bekend voorbeeld was de Noorse gebedsgenezer Joralf Gjerstad, over wie de Netflix documentaire Doing Good (2016) is gemaakt.

In de 18e eeuw ontstond in West-Europa een vergelijkbare behandelingsvorm. Er werd niet gesproken over ‘levensenergie’, maar over vloeistof: volgens de Duitse arts Franz Anton Mesmer kon een disbalans van bepaalde lichaamsvloeistoffen zorgen voor lichamelijke problemen. Hij noemde deze vloeistoffen: fluïdum. Waar hij eerder experimenteerde met magneten om deze balans te herstellen, begon hij later zijn cliënten te behandelen met slechts zijn handen.

Mesmer vond zijn verklaring voor deze behandelwijze in iets dat hij dierlijk magnetisme noemde. Ieder levend wezen zou volgens hem bezitten over deze kracht. Tot op de dag van vandaag zijn er behandelaars actief die bekend staan als ‘magnetiseurs’.

De Japanse grondlegger van het moderne, wereldwijd bekende leersysteem van reiki is Mikao Usui. Als docent theologie ging hij op zoek naar de manier waarop Jezus en Boeddha met handoplegging zieken genazen. Hiervoor bestudeerde hij 2500 jaar oude boeddhistische sutra’s en ging hij mediteren op een heilige berg.

Nadat de Japanner een spirituele ervaring kreeg tijdens meditatie, ontdekte hij een helend vermogen in zijn handen, waarmee hij zichzelf en anderen kon helpen genezen. In de jaren daarna heeft hij heel Japan doorgereisd om anderen deze methode te leren.

Het leersysteem van Usui is zeer succesvol geworden, doordat het via zijn leerlingen (en diens leerlingen) de wereld is overgegaan. Het hedendaagse leersysteem bevat een uitgebreid initiatieritueel, met vaste handposities, symbolen en geheime procedures. Usui’s eigen verhaal over het mediteren op de berg laat echter zien dat een initiatie door een ander persoon geen vereiste is om het helend vermogen bij jezelf te vinden.

Reiki is love. Love is wholeness. Wholeness is balance. Balance is well-being. Well-being is freedom from disease.

~ Mikao Usui

Integratie. Regulatie. Coherentie.

Zoals hierboven duidelijk wordt, bestaan er verschillende zienswijzen rondom de werking van handoplegging. De Japanse kanji-tekens ‘rei-ki’ wijzen op een ‘universele levensenergie’. In andere Oosterse tradities en geneeswijzen spreekt men van prana of chi. Hiermee wordt eenzelfde, voelbare energie aangeduid. Handoplegging zou helpen om blokkades in deze energiestroom op te lossen.

Het is mij duidelijk dat de energie die we kunnen voelen niet los te zien is van het natuurkundige, meetbare verschijnsel van ‘energie’, zoals het sinds de 19e eeuw bekend is in de wetenschap. Wat al duizenden jaren als universele levensenergie werd ervaren, kon men immers wel voelen en benoemen, maar nog niet objectief meten of begrijpen. Het is eigenlijk pas heel kort geleden dat de mens meer grip krijgt op het bestaan, de werking en de verschillende vormen van energie. Deze kennis sluit overigens wel aan op wat er in het Oosten wordt beweerd: sinds de relativiteitstheorie van Einstein is er algemeen consensus dat alles in het universum op fundamenteel niveau uit energie bestaat – ook het lichaam van levende wezens, hoe complex het ook is.

Dankzij de wetenschap weten we dat iedere cel in ons lichaam is geladen met energie. Ons lichaam is een zeer goede geleider van elektriciteit, doordat het voor 50-60% uit water en opgeloste zouten bestaat. Dit maakt het mogelijk voor onze hersenen om te communiceren via elektrische golven en frequenties; voor onze zenuwen om impulsen te geleiden via elektrische spanningsveranderingen; en zelfs voor onze cellen om met elkaar te communiceren via elektromagnetische velden en signalen. Kortom, je kunt het menselijk lichaam zien als één intelligent, energetisch netwerk dat intern communiceert en zichzelf reguleert via energie.

Steeds meer wetenschappelijke studies ondersteunen het idee dat desintegratie – verstoorde communicatie of afstemming tussen hersenen, zenuwstelsel, immuunsysteem en lichaam – sterk verband houdt met psychische en lichamelijke klachten. Wanneer er ergens in het lichaam een verstoring ontstaat, kan dit op andere plekken klachten of beperkingen veroorzaken. Het behouden van een gezondheid vraagt ons daarom continu te werken aan zelfregulatie en innerlijke coherentie. Daar kan handoplegging ons bij helpen.